Twee weken na zijn eindexamen werd duidelijk dat Mark dyslectisch is. Dit verklaarde een hoop, maar het veranderde weinig. “Ik moest nog steeds hard studeren om een beetje leuke cijfers te halen”. Via een vriend kwam hij in aanraking met snellezen, mind-mappen en geheugentechnieken. "Er ging een wereld voor me open. Studeren ging nu makkelijker en werd (eindelijk..) leuk". Mark paste de technieken toe op zijn HBO studie psychologie. Dit ging zo goed dat hij besloot om door te gaan naar de universiteit. "Voor mijn studie daar staat 40 uur per week, maar door de technieken concequent toe te passen studeer ik niet meer dan 8 uur per week. Ik zeg dit niet om op te scheppen of om indruk te maken, wel om aan te geven wat mogelijk is als je deze technieken toepast". Hoewel de studietechnieken geen oplossing zijn voor dyslexie, geven ze wel handvatten. Zo zijn veel dyslectici erg visueel ingesteld (beelddenkers). Mind-mappen is een visuele/ schematische manier van noteren. Deze techniek werkt voor iedereen, maar dyslectici hebben hier vaak extra baat bij. "Gek genoeg heeft het snellezen ervoor gezorgd dat ik beter ben ga lezen. Ik denk dat dit te maken heeft met het feit dat je op een hogere snelheid geconcentreerder bezig bent met de stof. Maar ik merk in mijn trainingen dat snellezen niet voor iedere dyslecticus even goed werkt" Bij mensen die niet dyslectisch zijn is de vooruitgang in snellezen goed te voorspellen: vrijwel idereen kan zijn of haar leessnelheid verdubbelen en daarbij een uitstekend tekstbegrip hebben. Bij dyslectici is er een grotere spreiding; sommige dyslectici gaan minder hard vooruit in hun leessnelheid, terwijl andere juist meer vooruit gaan dan niet-dyslectici!